Dirk: data-inputter
Toen Dirk twintig was, werd hij plots manisch depressief. Hij vocht tegen zijn ziekte, slaagde voor een opleiding administratief bediende en begon te solliciteren. ''Helaas viel dit dik tegen. Na 200 brieven en maar enkele gesprekken, was ik de wanhoop nabij. Maar ik gaf niet op.''
"Op mijn twintigste kreeg ik totaal onverwacht psychische problemen. Ik werd opgenomen. De diagnose: manisch depressieve bipolaire stoornis. Van toen af kwam ik regelmatig in 'instabiele fases' terecht: bij te veel stress of grote emotionele schokken, raakte ik in een soort extase. Ik was dan extreem opgewonden, deed van alles tegelijk maar maakte niets af en kon me niet concentreren. Het lukte zelfs niet meer om een kort artikel te lezen! Was het zover, dan liet ik me drie maanden opnemen in een gespecialiseerde kliniek. Daar kreeg ik zware medicatie die de impulsflitsen in mijn hersenen vertraagde. Na zo'n opname was alles weer goed en functioneerde ik normaal.
In het begin had ik het erg moeilijk met mijn ziekte. Ik moest mijn studies opgeven en werd volledig invalide verklaard. Dat was een grote klap. Maar na enkele jaren leerde ik beter omgaan met m'n psychische problemen en was ik minder vaak instabiel. Toen ik me weer wat zekerder voelde van mezelf, besloot ik een beroepsopleiding te volgen bij De Ploeg, een centrum gespecialiseerd in mensen met een arbeidshandicap. Zo hoopte ik toch nog een gewone job te kunnen vinden. Aangezien ik graag met de pc werk, koos ik voor een deeltijdse opleiding administratief bediende. Ze bestond uit twee jaar theorie en een jaar stage.
Eén dag ziek
Na die opleiding, begon ik vol goede moed aan mijn zoektocht naar werk. Een arbeidstrajectbegeleidster van een gespecialiseerde trajectbepalings- en begeleidingsdienst (GTB) hielp me. Zo'n dienst doet ongeveer hetzelfde als VDAB maar dan voor mensen met een handicap. Helaas viel het solliciteren dik tegen. Na bijna twee jaar, 200 brieven en slechts een handvol gesprekken, werd ik wanhopig. Ik overwoog zelfs om in een beschutte werkplaats te beginnen.
Gelukkig bezorgde mijn begeleidster me op een dag een vacature voor data-inputter op een schoolsecretariaat. Ik ben haar hier nog altijd dankbaar voor. Ik solliciteerde en kreeg de job. De werkgever twijfelde lang om me aan te werven omdat hij bang was dat ik minder zou renderen, maar uiteindelijk besloot hij me toch een kans te geven.
Hij kreeg er geen spijt van. Ik was supergemotiveerd en zette me enorm in. Ik was helemaal niet minder rendabel dan de anderen. Tijdens het eerste jaar was ik maar één dag ziek. Dat was veel minder dan mijn andere collega's! Verder was ik ook financieel interessant voor hem. Hij kreeg namelijk een premie omdat hij me tewerkstelde. Uiteindelijk was hij zo tevreden over me dat hij mijn contract verlengde.
Een nieuwe toekomst
Ik ben blij dat ik eindelijk een job heb die me voldoening geeft en mijn zelfwaarde verhoogt. Ik kan nu wat geld opzij zetten en heb het gevoel dat ik niet meer ter plekke trappel. Vroeger had ik enkel een invaliditeitsuitkering. Daar kom je écht niet mee vooruit.
Hoe het nu gesteld is met mijn gezondheid? Wel, ik neem nog altijd medicatie en ga maandelijks naar een psychologe. Ik vertel haar dingen over mijn ziekte die ik niet kwijt kan aan mijn vrienden of familie. Verder let ik erop dat ik niet te veel stress krijg, voldoende slaap en gestructureerd leef. Ik ga bijvoorbeeld altijd op hetzelfde tijdstip slapen en overdrijf niet met alcohol of andere genotsmiddelen. 'k Heb geen last meer van mijn ziekte, maar ze beheerst wel nog mijn leven. Dat zal wellicht altijd zo blijven."
