Pagina spoor

Loon van een jobstudent

Er bestaat geen algemeen ‘jobstudentenloon’. Een student moet het loon ontvangen dat van toepassing is voor een vaste werknemer binnen het bedrijf die hetzelfde werk levert en dezelfde leeftijd heeft. De werkgever moet zich minstens houden aan de wettelijke minimumlonen.
Gemiddeld minimum bruto maandinkomen en uurloon (vanaf 1 oktober 2008)

Leeftijd % Maandloon 38u/week
21 j. 100 € 1.387,49 € 8,426
20 j. 94 € 1.304,24 € 7,920
19 j. 88 € 1.220,99 € 7,415
18 j. 82 €1.137,74 € 6,909
17 j. 76 € 1.054,49 € 6,404
16 j.       70 €  971,24 € 5,898

Wat je netto overhoudt, hangt dus af van het percentage solidariteitsbijdrage/sociale zekerheidsbijdrage (zie rubriek sociale zekerheid) en of je bedrijfsvoorheffing betaalt.

Wat hou je netto over?

Berekeningswijze
nettoloon
Berekening nettobelastbaar inkomen
 
Berekeningswijze nettoloon tijdens zomervakantie (max. 23 arbeidsdagen) Berekeningswijze nettoloon job tijdens academiejaar (max. 23 arbeidsdagen)
brutoloon
- 13,07 %  (RSZ)
= (bruto)belastbaar
- bedrijfsvoorheffing
= nettoloon
brutoloon (volledig jaar)
- 13,07 % (RSZ)
= (bruto)belastbaar
-  beroepskosten
= nettobelastbaar
Brutoloon
- 2.5 % (sol.bijdrage)
= (bruto)belastbaar
= nettoloon
Brutoloon
- 4,5% (sol.bijdrage)
= (bruto)belastbaar
= nettoloon

 

Brutoloon: het loon dat vermeld staat op je contract.
Brutobelastbaar: je loon na afhouding van de solidariteitsbijdrage en/of RSZ (Rijkssociale Zekerheid).
Bedrijfsvoorheffing: voorschot op de belastingen dat afgehouden wordt door de werkgever en doorgestort aan de FOD Financiën
Beroepskosten: kosten die men heeft om zijn beroep uit te oefenen (speciale kledij, vervoer,…) doorgaans forfaitair vastgesteld (2009): 27,2% op de eerste € 5.190,00, 10% op het gedeelte tussen € 5.190,00 en € 10.310,00
Nettobelastbaar: brutobelastbaar inkomen - beroepskosten.