Andere kijk op intelligentie
De informatie in dit artikel is mogelijk verouderd.
Hoe definieer jij intelligentie? Deze vraag is niet onbelangrijk, want uit onderzoek blijkt dat verkeerde opvattingen hierover slimme mensen dom kunnen maken. En hoe zit het met rekruteerders die pretenderen dat ze "de intelligentie" van sollicitanten meten? Volgens Coert Visser is het hoog tijd om onze overtuigingen grondig te veranderen.
Vraag eens aan je vrienden wat ze onder intelligentie verstaan. Je zal verschillende antwoorden krijgen: snel kunnen denken, slim zijn, problemen kunnen oplossen, Toch zijn de meeste deskundigen en 'gewone' mensen het over 3 aspecten eens. Namelijk:
- Intelligentie is een eigenschap van individuen. Het zit in ons.
- Intelligentie is één iets. Hoewel velen menen dat intelligentie uit verschillende dimensies bestaat, wordt intelligentie niet zo behandeld. Selectiepsychologen bijvoorbeeld spreken over de G-factor, de algemene intelligentiefactor, en vatten het resultaat van een intelligentieonderzoek samen in één enkele IQ-score. Ook wij praten vaak ook over intelligentie alsof het één ding is: "Hij bezit een hoge intelligentie."
- Intelligentie is onveranderlijk. Rond 17 jaar bereiken we een mate van intelligentie die niet meer wijzigt.
Volgens consultant Coert Visser zijn dit foute overtuigingen. Op menscentraal.nl geeft hij zijn eigen visie, die hij stoffeert met bevindingen uit de intelligentieliteratuur.
- Intelligentie is niet enkel iets dat in het hoofd van een individu zit. Het kan ook ontstaan tussen mensen als ze samenwerken. Door samen te werken leveren we intellectuele prestaties die we alleen niet voor elkaar krijgen.
- Intelligentie bestaat uit meerdere dimensies. Eén van de meest overtuigende modellen is dat van David Perkins. Hij onderscheidt 3 dimensies.
- Neurale intelligentie: de algemene informatieverwerkingssnelheid en vergelijkbaar met de G-factor.
- Ervaringsintelligentie: intelligentie die gebaseerd is op ervaringen.
- Meta-intelligentie: technieken die we inzetten om zo efficiënt mogelijk gebruik te maken van onze neurale en ervaringsintelligentie.
- Neurale intelligentie: de algemene informatieverwerkingssnelheid en vergelijkbaar met de G-factor.
- Intelligentie is veranderlijk. Waar de G-factor inderdaad niet of nauwelijks evolueert, is dit bij andere dimensies van intelligentie wel het geval. Ervaringsintelligentie kan traag maar zeker ontwikkelen en meta-intelligentie kan zelfs snel toenemen.
In de praktijk
De manier waarop mensen intelligentie definiëren, kan verstrekkende gevolgen hebben. Onderzoek van Carol Dweck toont bijvoorbeeld dat wie intelligentie ziet als iets onveranderlijks, daardoor soms de mogelijkheid om te leren uit het oog verliest. Anders gezegd: de verkeerde overtuigingen kunnen slimme mensen dom maken. Maar er is hoop: als we intelligentie beschouwen als iets dat ontwikkeld kan worden, gaan we inspanningen leveren en strategieën ontwikkelen om bij te leren.En ook sollicitatiegesprekken zouden er anders uit zien als rekruteerders denken zoals Coert Visser. Bedrijven zouden dan intelligentie niet herleiden tot een IQ-score, maar ook een antwoord zoeken op deze vragen:
- Hoe goed vult de sollicitant de collectieve intelligentie
van het team aan? Om hier iets over te zeggen, volstaat een
meting van het individu niet. Er moet een interactie tussen
de sollicitant en organisatie plaatsvinden om de chemie te kunnen
inschatten.
- Hoe scoort de kandidaat op andere intelligentieaspecten
zoals relevante ervaringsintelligentie en meta-intelligentie.
Om de meta-intelligentie na te gaan moeten de probleemoplossingstrategieën
en denkmodellen van de sollicitant doorgelicht worden.
Barbara Peirs
