De mening van Martin: kleur bekennen
De informatie in dit artikel is mogelijk verouderd.
Martin Overheul (52) is recruitment coördinator bij een studie- en adviesbureau. Hij deelt elke maand z'n kijk op de arbeidsmarkt. "Bij sollicitanten let ik op authenticiteit en eerlijkheid, net als bij muziek."
Een tijdje geleden had ik een geanimeerde discussie met een kennis die op dat moment tussen twee jobs zat. Het ging erover hoe een sollicitant zich het best kleedt. Mijn kennis, geen deskundige in dit domein, had op ettelijke websites gelezen dat een blauw kostuum betrouwbaarheid en zakelijkheid uitstraalt. Dat leek hem wel wat. Wie wil er tijdens een sollicitatiegesprek immers niet betrouwbaar uitzien? En die zakelijke indruk paste goed bij de job die hij op het oog had.
"Zwart," zei hij, "geeft naar het schijnt ook een professionele indruk, maar zou afstand creëren met de interviewer." Hij had ook gelezen dat zwart minder geschikt is voor iemand die een baan zoekt waarin teamgeest en sociale vaardigheden belangrijk zijn. En je draagt bij voorkeur bruin als je voor een ondersteunende functie solliciteert.
Dat vond mijn kennis allemaal wat verwarrend. En vervelend. In zijn kast hangen zwarte, grijze (niet opvallend genoeg!) en bruine kostuums. Maar geen blauw exemplaar. En aangezien hij een afspraak had voor een leidinggevende functie, waarbij professionalisme, teamgeest en sociale vaardigheden een cruciale rol speelden, vreesde hij dat het zoeken naar werk hem een nieuw kostuum zou kosten.
Ik vind het niet zo vreemd dat hij het spreekwoordelijke noorden even kwijt was. Het wemelt op het internet van de echte en zelfverklaarde specialisten die, in het laatste geval vaak niet gehinderd door enige kennis van zaken, de lezer om de oren slaan met goedbedoeld advies. Sterker nog, er bestaan tegenwoordig zelfs bedrijfjes die zich specialiseren in kleur- en kledingadvies voor sollicitanten…
"Hoe zit dat nou bij jou?" vroeg mijn kennis. Die vraag had ik al van ver zien aankomen. Tja, hoe zit dat bij mij? Laten we vooropstellen dat ik geen doorsnee interviewer ben. Tenminste, dat is mij al meer dan eens gezegd door gesprekspartners én collega’s. Hecht ik veel waarde aan de eerste indruk? Ja, maar niet in die mate dat dit alles bepaalt. Want net zo goed als er valkuilen zijn voor sollicitanten, zijn die er ook voor interviewers. Zoals te veel gewicht toekennen aan ‘de eerste indruk’. Dat vertroebelt namelijk een objectief beeld.
Natuurlijk heeft een sollicitant er baat bij een goede indruk te maken. En liefst vanaf het begin van het gesprek. Maar daar staat tegenover dat een sollicitatiegesprek doorgaans een artificiële bezigheid is. Een ‘toevallige’ ontmoeting waarin de regels van vraag en aanbod gelden. Waardoor het voor heel wat mensen best een lastige opgave is. In een van mijn joblogs schreef ik: "Waar ik op let tijdens een sollicitatiegesprek? Op authenticiteit en eerlijkheid, net zoals bij muziek. Ik houd van gesprekken met sollicitanten die niet achter elke vraag een valstrik zien. Die ongedwongen zichzelf durven zijn, ook al zijn ze in wezen bezig met een verkoopgesprek."
Die authenticiteit en eerlijkheid komen volgens mij ook tot uiting in iemands voorkomen. Wat mij betreft doet een okerkleurig kostuum of gedateerd mantelpakje daar niets vanaf. Met of zonder stropdas of kleurige sjaal. Trouwens, je mérkt het als een sollicitant zich in kleren heeft gehesen die hij niet gewend is te dragen. Mensen gedragen zich in die omstandigheden vaak nóg ongemakkelijker.
"Wat raad jij mij dan aan?" was de logische vraag van mijn kennis. Mijn advies? Draag iets waarin je je goed voelt. Waarmee je je persoonlijkheid niet al te overdadig benadrukt. En ja, dat mag best iets meer zijn dan jeans en T-shirt. Die minimale aanpassing verwacht ik wel van een sollicitant. Het geeft immers ook aan dat iemand bereid is zich aan te passen aan andere omstandigheden. Maar wees vooral jezelf. Dat vind ik onder elke omstandigheid de beste keuze.
Martin Overheul
Geef je mening over dit artikel
Martin blogde ook een maand voor VDAB. Lees zijn joblog.
